Vorige week hebben we onder MKW-corporaties opgehaald hoe zij kijken naar de inkomensafhankelijke huurverhoging (IAH) en een mogelijke vermogenstoets. Hartelijk dank voor de reacties. De veertig reacties laten een duidelijk lijn zien waarin er veel aandachtspunten zijn voor een zorgvuldige implementatie.
Rechtvaardigheid en solidariteit als vertrekpunt
Veel corporaties herkennen het uitgangspunt dat sociale huur bedoeld is voor de mensen die dat echt nodig hebben. Daar hoort bij dat mensen die meer kunnen betalen, ook meer bijdragen. Dat wordt vaak gezien als logisch en uitlegbaar. Zeker in een tijd van schaarste. Tegelijk speelt ook mee dat extra inkomsten welkom zijn. Ze bieden ruimte om te blijven investeren: in nieuwbouw, onderhoud, verduurzaming en leefbaarheid.
IAH: verdeeld in de praktijk
De huidige toepassing van de IAH laat een gemengd beeld zien, een deel van de corporaties past deze al toe. Een ander deel doet dat bewust niet, bijvoorbeeld door afspraken met huurdersorganisaties, of om gemengde wijken overeind te houden. Of simpelweg omdat het in de praktijk complex is en weinig oplevert. Een verplichting wordt daarom dubbel bekeken. Het maakt het gesprek met huurdersorganisaties eenvoudiger omdat de keuze dan niet meer lokaal ligt. Aan de andere kant verdwijnt daarmee ook ruimte voor maatwerk en juist maatwerk blijkt in de praktijk vaak nodig.
Zorgen over effecten in de praktijk
In de reacties van MKW-ers komen een aantal zorgen steeds terug. Allereerst de zogenoemde grenseffecten. Huurders die nét boven een inkomensgrens uitkomen, kunnen relatief hard worden geraakt. Daarnaast speelt de actualiteit van inkomensgegevens omdat de situatie van huurders snel kan veranderen. Dat maakt het lastig om op basis van oude gegevens passende besluiten te nemen. Ook is er zorg over de leefbaarheid; in sommige wijken wil corporaties juist een mix van inkomens behouden. Een stevige huurverhoging kan die balans verstoren. Ook de beoogde doorstroming levert zorgen op; veel corporaties geven aan dat het alternatieve aanbod simpelweg beperkt is. Mensen kunnen vaak niet zomaar ergens anders heen.
Vermogenstoets: meer steun, maar nog veel vragen
Voor een vermogenstoets is het draagvlak onder de reacties groot. Veel corporaties vinden het moeilijk uitlegbaar dat mensen met vermogen gebruikmaken van sociale huur. Tegelijk roept de uitvoering ook veel vragen op. Wat telt als vermogen? Hoe ga je om met ouderen die hun koopwoning hebben verkocht? Of met vermogen dat niet direct beschikbaar is? En wat betekent dit voor mensen die weinig inkomen hebben, maar wel vermogen nodig hebben voor bijvoorbeeld zorg of pensioen? De wens om het eerlijker te maken leeft. Maar er wordt vaak benadrukt dat er goed moet nagedacht worden over deze vragen.
Uitvoerbaarheid als sleutel
Misschien wel de belangrijkste boodschap uit alle reacties: het draait om uitvoerbaarheid. Corporaties vragen om duidelijke, landelijke regels en een eenvoudig systeem met betrouwbare gegevens, bij voorkeur via de Belastingdienst. Daarnaast klinkt een duidelijke oproep om de administratieve lasten beperkt te houden, zeker voor kleinere corporaties. En om ruimte om in specifieke situaties maatwerk te kunnen bieden.
Input delen met Aedes
De opbrengst van deze flitspeiling delen we met Aedes voor de belangenbehartiging bij het ministerie. De gesprekken daarover worden de komende periode gevoerd en gaan leiden tot een voorstel van de minister.
